OVER ONS
Alles begon in november 1979. Een klein restaurant werd in de steigers gezet. Een enthousiaste familie nam er de leiding van en vormde de zaak om - gedurende jaren aan een stuk - tot wat nu een flink uit de kluiten gewassen KMO geworden is. Piet en Ann Lecot - Vandermarliere staan er aan het hoofd van. Samen met een prima medewerkers-ploeg “van het eerste uur” tekenen zij borg voor uw welzijn bij hen voor elke gelegenheid.
Een overzicht ...
 


MEER DAN 35 JAAR GELEDEN...
Toen in 1979 werd gestart, oogde het volledige Klokhof uiteraard niet zoals het tot 2014 bestaat.
In de oude woning van de uit 1719 daterende hoeve is nog steeds het restaurantgedeelte van de zaak ondergebracht. Het is ook in dat gedeelte dat de uitbreidingswerken gestart zijn. Om het aperitiefsalon groter en gezelliger te maken, werden hier begin 1980 de eerste verbouwingen gedaan. Een gezellige bar werd er ingericht, en wel zó dat diverse klanten rondom kunnen genieten van een aperitiefje of er wat keuvelen bij een kopje koffie.

Door het konstant verzorgen van kwaliteit en zeker door het bewaken van de verhouding prijs/kwaliteit kon en kan het Klokhof fier zijn op een voortdurend groeiend klantenaantal. Gesteund door deze stimulans werd in 1983 wat overeind bleef staan van enkele oude schuren, met de grond gelijk gemaakt en herrees op die plaats de Ambassador Zaal, een mooie en multifunctionele zaal, waar niet alleen familiefeesten zoals, kommunies, verlovingsfeesten en dergelijke kunnen worden gevierd, maar die de laatste jaren ook met succes gebruikt wordt als seminarieruimte, met modern audio-visueel materiaal.
Deze Ambassador Zaal kreeg een eigen bar, een volledig ingerichte keuken en toestellen mee, zodat ze volledig autonoom kan werken, los van de andere gebouwen. Dat de oprichting van deze zaal (tot 60 personen) een schot in de roos is, blijkt uit de heel drukke bezetting ervan, niet alleen in de weekends maar tegenwoordig ook meer en meer tijdens de werkdagen.

Het volgend project dat zich opdrong was de renovatie van de binnentuin (1986) De verschillende bloemperken kregen een nieuwe schikking. Heel belangrijk als u weet dat vele klanten tijdens de warme zomerdagen graag genoten van deze prachtige binnentuin.
De grote werken kregen een aanvang rond februari 1988. Vooreerst werd, door het grote aantal aanvragen voor huwelijksfeesten, de bestaande feestzaal (150 pers.) uitgebreid tot een ruimte waar 350 personen aan ronde tafels kunnen aanzitten. Naast de grote zorg voor de architectuur van de gevels en de proporties van het geheel - weinigen merken het verschil op tussen oude en nieuwe gebouwen - werd op een tamelijk eenvoudige maar zeer efficiënte manier ervoor gezorgd dat binnenin groepen van dergelijke omvang op een vlotte en korrecte wijze kunnen worden ontvangen. De bovenmezzanine biedt plaats aan 450 receptiegasten.

Vervolgens werd de verbinding restaurant - feestzaal aangepakt en omgevormd tot een volwaardige banketzaal (40 pers.), Torenzaal genoemd.
Aansluitend daarop werd de bestaande keuken volledig verbouwd en in oppervlakte verdubbeld. Boven dit gedeelte tenslotte werden 9 kamers ingericht en werd een zeer degelijk klassehotel geboren.
De volgende 5 à 6 jaar tenslotte ging de energie (en de euros uiteraard) uitsluitend naar verdere afwerkingen, verfraaiing van de interieurs. Zonder ophouden werd - gedreven maar weldoordacht - voorzichtig maar vastbeslist - geïnvesteerd in nog meer kwaliteit van “food en non-food” van “het bord en zijn omgeving”, van het culinaire en alles wat het culinaire omringt.

In de winter van 2004 tenslotte kon één van mooiste realisaties worden aangelegd : een splinternieuw binnenterras, kompleet met buxus –hagen en platanen, aangename meubilering voor het buiten-dineren, in een harmonie van materialen en kleuren waarvoor door het trouwe klantenbestand reeds veel lof werd toegeworpen.
Met het oog op de toekomst van de zaak en kinderen, werd, rond 2008, de volledige herinrichting van de feestzaal, de laatste grote opschik zijn die Hostellerie Klokhof nodig had om vol vertrouwen de toekomst tegemoet te gaan,voltooid….. steeds met gedreven inzet en enthousiasme, om zich de daaropvolgende jaren als unieke onderneming in de regio en daarbuiten te bevestigen.
Een trouwe schare klanten, konstante zin voor vernieuwing en initiatief en respect voor de wensen en verzuchtingen van onze bezoekers zal altijd de rode draad zijn waarrond ons beroep verweven is.


VEEL MEER DAN 35 JAAR GELEDEN...
Tot 1962 was het oude gedeelte van dit restaurant hier een middelgrote hofstede met 21 ha grond, generaties lang uitgebaat door hardwerkende Vlaamse boerenfamilies uit de streek. Deze pachters brachten jaarlijks hun huurgeld naar de heren van het omwald kasteel, dat hier aan de overzijde van de autoweg, op een 100-tal meter gelegen is. Dicht tegen het 19de eeuwse kasteel Delacroix, waarvan nog bepaalde gedeelten van 1737 dateren, ligt nog een hofstede die ook aan de heren toebehoorde. Beide hoeven hadden geen andere naam dan “de hoven van Delacroix op Sint-Anne”. Alhoewel de meeste hofsteden vroeger een klokje op hun dak hadden staan, om bij ‘t angelus ‘t volk op de akkers even een gebedje te doen prevelen, of ook om de boer en zijn volk ‘s middags en ‘s avonds naar de lange eiken tafel en de gemeenschappelijke papschotel uit te nodigen, toch hadden deze er geen. Het was de laatste pachter, landbouwer Alberic Bekaert (1903-1972) die in 1933, bij dakherstellingen een klokketorentje liet plaatsen. Dit was zó normaal dat men zelfs toen nog niet van het “KLOKHOF” sprak.

De eerste landbouwers die hier woonden en er allen drie tot vier paarden en een bende koeien op nahielden, waren Auguste Vanhoutte (°Tourcoing 1846) en Eulalie Vanhoenacker (°Bellegem 1841). Toen ze in 1870 huwden, kwamen ze ‘t hof betrekken. In 1904 volgde Henri Vanhoutte, hetzelfde jaar gehuwd met een dochter Lavaert, zijn vader op. Na 17 jaar, in 1921, wilde hij “groter boeren” en hij trok naar de Somme en liet de “hofplatse en ‘t land” over aan zijn broer Jules Vanhoutte, die met Marie Lavaert getrouwd was. Jules was tot dan vlashandelaar geweest te Marke en hij rootte in de Leie. De Vanhoutte’s waren ook steeds goeie vlasboeren geweest en hun spreuk was: “Boeren zonder vlas is geen boeren!”. Na 9 jaar, nl. tijdens de grote crisis van 1930, besloot hij het voorbeeld van zijn geslaagde broer in Frankrijk te volgen, en ook hij trok naar de Somme. In 1930 namen dan Alberic Bekaert, zoon van het Populierenhof op Aalbeke en Germaine Vannieuwenhuyze van een Markse Leieroterij, hier hun intrek en zij bleven er boeren tot 1962, toen het duidelijk werd dat de aanleg van de internationale autoweg, onteigeningen en verkavelingen van het hof voor gevolg zou hebben. Reeds in 1957 hadden ze lont geroken en ze gingen in Wallonië op zoek naar een groter hof. Met hun twee zonen, Renè en Jozef, en hun twee dochters, Christiane en Gilberte, hadden ze trouwens handen teveel voor ‘t werk op “Vanhouttens hof” zoals men de boerderij nu al sedert 1870 noemde. Zo bleven ze vijf jaar op de twee hofsteden “boeren”: op Sint-Anna en in Ferlybray over Mons op de Franse grens. De gebouwen stonden op Belgische bodem en de meeste landerijen lagen op Frans grondgebied.

Als je de kaart van Kortrijk bekijkt, ligt het “Klokhof” en de wijk Sint-Anna in een soort zuidoostelijk aanhangsel van Kortrijk, aan de eerste “wervel” van “Marke-steert”. Als je die mooie omgeving bezoekt: het mooiste natuurgebied van Kortrijk! Als je in het verleden blikt: een gebied waarin heel wat gebeurde en archeologische vondsten wijzen op bewoners reeds in het Steentijdperk. Ook een Romeinse waterput werd op een boogscheut gevonden. Het huidige fel vergrote “Klokhof” ligt daarenboven zowat midden de Kortrijkse “bergen”, al zijn het maar dwergen! Als we de eeuwenoude namen geloven, overdrijven we niet. Het “Klokhof” is gelegen tussen de Pottelberg, de Kalvarieberg, de Sint-Annaberg (70m), de Schuttenberg (51 m) en de Marionettenberg. Toponiemen die aldus te vinden zijn op eeuwenoude kaarten van het gebied en nog in straatnamen en de volksmond levendig zijn. De E17 heeft dat stukje Sint-Anna thans als ‘t ware van zijn oude wijk en van zijn vroegere kasteeleigenaars (Delacroix en later de Béhault) geamputeerd! In vroegere eeuwen was het hier een vrij dichtbeboste streek. Alleen de nabije Bosstraat herinnert daar nog aan. Op de kaart van 1770 vinden we hier in dit welvend gebied: het Bohemerbos (bij Sint-Anna), het uitgestrekte Sint-Annabos (ten oosten van de Sint-Annastraat). Er waren echter ook nadelen aan die bossen! Ze vormden eeuwenlang een onveilig gebied, want hier verscholen zich steeds zwervers en deserterende vreemde soldaten die de oorlogen beu waren. Dit was ook de reden waarom de zusters van de in 1238 nabij ingerichte abdij op de Rodenburg, in 1265 na heel wat plunderingen dit onveilig oord verlieten om een nieuw klooster in de open Groeningemeersen aan de Leie, de Groeningeabdij, te gaan betrekken.

Het was ook in dit hooggelegen bosrijk gebied hier, dat het Franse leger op de vooravond van de Guldensporenslag in 1302, zich verschuilende en uitkijkend opstelde vóór de aanval op de veel lager gelegen omwalde stad. Hoe landelijk mooi de Sint-Annawijk ook nog is, toch klinkt die naam in het Kortrijkse oor in bepaalde gevallen niet zeer gunstig! Boven op de berg is de Sint-Annakapel, in 1622 gebouwd door de Kortrijkse Begijn Barbara Bonte, uit dank voor de plotse genezing van een blinde. Maar later vestigen zich daarrond een groep kluizenaars die er een school oprichtten. In 1833 werd het een huis voor krankzinnigen. En nu nog zegt de Kortrijkse volksmond bij het horen van onwijze praat: “We gaan hem op Sint-Anna steken !"

Piet & Ann Lecot - Vandermarliere